EV laden: Wallbox Copper aansluiten op krachtstroom

Voor  mijn bestelde EV die in november 2022 wordt geleverd heb ik ook een openbare laadplek aangevraagd via de gemeente.

De levertermijn van de openbare laadpaal is ca 26 weken, dat zou dan 1 juni + 6 maanden = 1 december 2022 worden.  Als alles volgens plan loopt.

In geval van nood wil ik ook vanuit mijn woning kunnen laden, en dan gelijk met de maximale stroomsterkte.

De wallbox copper laadunit kan dat regelen in combinatie met een load balancing meetapparaat in de meterkast:

De blauw omcirkelde RJ45 contrastekker is de aansluiting van de stroom- verbruiksmeter bij het pijltje, dat de stroom meet die de gehele installatie verbruikt.

De wallbox copper communiceert met de stroommeter in de meterkast via een specifieke dataverbinding.

Deze dataverbinding heeft een data+, een Data- en een Ground nodig.

Die signalen kun je koppelen tussen de stroommeter en de wallbox via een UTP datakabel.

Er is een opzetje voor het aansluiten beschikbaar:

 

De wallbox copper kan ook met de wallbox app op je telefoon communiceren.

Daarmee kun het verbruik zien, het eventueel delen van je lader instellen en bijvoorbeeld de maximale stroomsterkte, start en stop moment instellen enzovoorts.

De wallbox copper kun je via een Ethernet kabel aansluiten op internet of via wifi.

De ethernet kabel is in mijn geval rood, in de foto.

De datakabel voor de stroommeter naar de wallbox is in de foto grijs.

De aansluiting op krachtstroom heb ik met een kabel en CEE form stekker aan de wallbox copper aangesloten en er is bijbehorend chassisdeel in de meterkast en in de garage beschikbaar.

Met 2 CAT5 UTP verlengkabels kan ik deze oplossing ook gebruiken om als dat nodig zou zijn, de EV achter mijn woning te laden, in de garage.

Of ik kan de wallbox copper meenemen wanneer ik ergens naar toe ga waar een 400Volt aansluiting beschikbaar is zonder lader.

Dat werkt namelijk ook gewoon zonder load balancer.

Lees HIER het artikel over de installatie van de meterkast , de krachtstroom aansluiting en van het load balancer meetapparaat.

Mijn TA 4-bak ombouw

Inbouw van een Citroën ID/DS 4-versnellingsbak in een Citroën Traction Avant

Boven zie je het ruwe eindresultaat waarmee ik inmiddels (2021) al weer een paar duizend kilometers heb mogen afleggen.

Uiteindelijk is het dus een waardevol project geweest.

Het rijden met de TA is perfect, terug- en opschakelen gaat soepel en de auto gedraagt zich prettig.

Belangrijk voordeel van de nieuwe versnellingsbak is dat de motor veel minder toeren maakt wanneer je op kruissnelheid rijdt.

Boven zie je het overzicht van de donor langeslag ID19-motor met de 4-bak.

Alles hing er bij de aankoop nog aan: remmen, ophanging, schakelhuls, HD regelaar, benzinepomp, dynamo enzovoorts!

De waterpomp was er al door een ander afgehaald.

De donor wagen had ernstige zijschade en was total loss verklaard.

Eigenlijk wel jammer maar ik had er mazzel mee.

De foto hierboven stamt uit begin 2009, na het demonteren van de combinatie motor/bak van een vroege sloop- Citroën ID19 met langeslag motor en 4-versnellingsbak.

De aanpak

De lange flenzen van de 4-bak moeten worden afgedraaid, van de uiteinden van de flanges (bakzijde) worden bussen gedraaid die in de afgedraaide flenzen komen te zitten.

Dit is nodig omdat de lagers en keerringen niet verkrijgbaar zijn in buitenmaten die zonder meer in de binnenzijde van de ingekorte flanges passen.

Nieuwe lagers en nieuwe oliekeerringen worden in de bussen in de afgedraaide flenzen opgesloten.

De asklauwtjes worden afgedraaid met ca. 1 mm naar een commercieel verkrijgbare binnenmaat voor een lager en kering. (35mm asdikte).

De flenzen zijn met 3 mm uitgedraaid om de asklauwtjes goed te kunnen monteren op de TA interne bak-assen.

Een RVS bus is gedraaid om de uitgaande interne TA-as strak te laten draaien in het ID kroonwiel.

Bij andere ombouwen wordt deze bus meestal niet geplaatst, maar de zijwaartse druk op het eind van deze as wordt zonder pas-bus naar mijn menig te groot om er erg lang zonder slijtage mee te kunnen rijden.

De bus heeft aan de draaiende binnenkant een oliegroef.

Deze bus is aan 1 zijde nodig van het donor ID-kroonwiel en zit strak in het kroonwiel ingekrompen.

De ID-as draait strak in het ID kroonwiel en is iets dikker dan de TA- as.

Het verschil in dikte wordt door de RVS pas-bus gecorrigeerd.

De satellietwielen, interne bak-assen en het differentieel-huis van de TA worden hergebruikt.

Het satellietwiel (uiteraard passend op het pignon tandwiel van de ID-bak) komt van de ID donorbak.

Je moet na de ombouw natuurlijk wel opnieuw de voorspanning op de Timken lagers bepalen en nieuwe pas-ringen maken om het geheel met de juiste voorspanning in het ‘klokje’ goed te monteren.

Speling van het kroonwiel meten conform het werkplaatshandboek, enzovoorts.

Deze oplossing is robuust en zal niet breken of overmatig slijten.

het bedienen van de versnellingen was voor mij ook een belangrijk punt, omdat de Traction Avant standaard een afwijkende schakelvolgorde heeft en de bekende ‘ombouwen’ naar 4-bak allemaal een extra knop of hefboom hebben om de achteruit van de versnellingsbak te bedienen.

Ik heb er voor gekozen alles zo om te bouwen dat een reguliere H-vork 4-versnellingen + achteruit bediening ontstaat:

Met gebruikmaking van de oorspronkelijke schakelstangen van de TA EN door de selecteur/levier in de cabine om te bouwen EN door op de versnellingsbak met nieuwe schakelstangen ‘buitenom’ een conversie te doen van de bedieningshevels onderaan de schakeltoren naar de oorspronkelijke bediening van de 4-bak.

Bakassen verwijderd en verder aan het werk met afdraaien van de flenzen

Boven zie je hoe ik de bussen aan het draaien ben voor in de flenzen, hierin kan dan het nieuwe lager en de nieuwe oliekeerring worden gemonteerd

Hier is het hart verwijderd van een oude ID-19 koppelingsplaat om als verlenging te dienen van een andere passende plaat.

Voor het gemak heb ik daarvoor een nieuwe TA plaat gebruikt, een ID plaat kan in principe ook maar dan moeten de spie-banen zuiver in elkaars verlengde liggen zodat de plaat vrij kan blijven schuiven over de primaire as.

Deze actie is nodig omdat de primaire as van de 4-bak korter is dan de as van de 3-bak en de spiebaan van de as net niet ver genoeg in de spiebaan van een standaard koppelingsplaat komt om de kracht zonder schade over te kunnen brengen op de plaat.

Op de bovenstaande foto is het misschien niet goed te zien, maar de bussen zijn met RVS schroef /spietjes vergrendeld aan de flenzen zodat ze niet kunnen bewegen en/of kunnen draaien.

Daarna is de flens aan de buitenkant afgedraaid om ruimte te maken voor de bolle uitstekende delen van de 10mm draadeinden van de as-klauwtjes.  ook dit past allemaal net.

Hierboven zie je dat de flens nog niet was uitgedraaid..

Om de lagerkappen te laten passen zijn ze heel voorzichtig in contra opstelling in de draaibank uitgedraaid op de maat van de Timken lagers.

Hierboven zie je een afgedraaide flens met bus, oliekeerring en lager, gemonteerd tussen versnellingsbak en koppelingshuis

Volgende klus: Verlengen van de aandrijfas naar de poelie van de ID  motor.

De verlenging van deze as was noodzakelijk omdat ik gelijktijdig met de montage van de 4-bak een langeslag ID motor heb ingebouwd.

De aandrijving van deze aandrijfas op de krukas is iets dikker dan bij de Traction motor en zit iets dieper verzonken in de ID-motor .

Zie onderstaande foto waar de al voorbereide TA as boven ligt en de ID as eronder.

Boven: Verlengde aangepaste poelie-as gereed voor montage

Boven zie je het hart van de ID- koppelingspaat met ID-spiebaan van een gesloopte koppelingsplaat gemonteerd op een nieuwe TA koppelingsplaat.

Het laswerk is uitgevoerd met de speciaal gemaakte pasbus van ID naar TA maatvoering strak in beide spiebanen geperst, deze bus wordt pas na het volledig langzaam laten afkoelen verwijderd.

Voor een goede hechting is het laswerk eerst CO2 gedaan en later op 3 plekken weer uitgeslepen, is de pasbus weer geplaatst en met MIG opnieuw gelast.

Daarna heb ik het laswerk nog laten controleren op slingeringen van de nieuwe spiebaan ten opzichte van de koppelingsplaat.

Dat was gelukkig ruim binnen de norm.

Hierboven zie je de benodigde pas-/ vulplaat van 4mm dik aluminium waarmee ik de 100% passing van het TA-koppelingshuis aan de ID-bak heb uitgevoerd.

Voordeel bij deze oplossing is dat het satelliethuis ook netjes vrij loopt van de binnenkant van het koppelingshuis en je geen zorgen heb over een mogelijk aanlopend differentieel tegen het koppelingshuis.

De reden van deze benodigde aanpassing komt door het feit dat de positie (in de lengterichting) van de aandrijfassen bij de TA ten opzichte van de ID net 4 mm is verschoven.

De half cirkelvormige uitsparingen waar de flenzen bij de ID bak in passen en waar bij de TA bak de oorspronkelijke oliekeerringen in passen zijn bij de ID niet gelijk aan de bakzijde versus aan de zijde van het koppelingshuis.

Bij de TA is de vorm aan beide zijden wel precies gelijk.

Bij de ID bak is het gat voor de flens aan de bakzijde 4mm ondieper en aan de zijde van het ID koppelingshuis 4mm dieper.

Met een pasplaat tussen ID bak en TA-koppelingshuis wordt de niet- ronde vorm als gevolg van het missen van 4 mm gecompenseerd zodat de zuiver rondvormige flenzen precies passen in het (weer) ronde gat.

De lepels van de bediening van de versnellingen heb ik aan de onderkant van de schakeltoren volledig moeten aanpassen zodat de nieuw ontwikkelde stangen kunnen worden bediend voor de ID-bak.

Het was even denken en proberen maar deze oplossing werkt prima!

Zoals je op de foto ziet past de ID poelie maar net naast de rechtse lepel.

Door toepassing van deze poelie ben ik gelijk overgestapt naar een smallere V-riem.

Dat betekende weer gelijk een aanpassing van de waterpomp poelie, en de montage van een 12 Volt wisselstroom dynamo.

Hierboven nog even de pasplaat van 4 mm in detail.

Bij het afmonteren heb ik dunne papieren pakking gebruikt aan beide zijden van de pasplaat.

Dat bleek uiteindelijk de enige manier te zijn waarop alles lekvrij te krijgen is.

De schakelstangen tussen schakeltoren (links) en overbrengingshevels (rechts) naar de selecteur in detail boven op de foto!

Kleine extra uitdaging bij mij was dat de carburateur door het plaatsen van de ID motor en- bijbehorende cilinderkop- opeens in de baan van deze schakelstangen liep.

Met een waterleiding- pijpenbuiger heb ik de schakelstangen precies vrij kunnen houden van alle vaste motordelen en het past allemaal net.

De versnellingsbak zonder bedieningsstangen gemonteerd op het koppelingshuis.

Als je goed kijkt, zie je dat ik hier nog heb gewerkt met de ID-insteekassen, die ik had ingekort. 

Uiteindelijk werkte deze oplossing niet omdat de gelaste assen op de las steeds afbraken. 

Op zich is deze oplossing wel mogelijk, maar dan zou je nieuwe assen moeten (laten) maken.]

Boven zie je de verlenging van de primaire as door middel van een busje dat op de primaire as komt.

Dit busje komt tussen de primaire as en het toplager van de krukas.

Doel is dat de primaire as niet kan slingeren.

Het busje op de foto was mijn prototype.

Er blijken toplagers te bestaan met verschillende binnendiameters waar de primaire as in past en dus ook hier was de praktijk (weer) mijn leermeester.

Koppelingsplaat in de (gelijk gemonteerde) opzetring van de nieuw geplaatste diafragma drukgroep

En de gehele drukgroep met gemonteerde koppelingsplaat en de naar buiten stekende spiebaan van de koppelingsplaat

Koppelingshuis met M10 bouten ten behoeve van het vastzetten van de flenzen.

De M10 bouten zijn door- en -door gemonteerd in de wangen van het huis .

Eerder heb ik met andere oplossingen geëxperimenteerd maar met schroefdraad tappen, bussen monteren en dergelijke kreeg ik het niet voldoende olie-dicht.

Op bovenstaande manier met ringen en pakkingringen is het perfect dicht!

Dit was nog wel even een klusje:

Van donordelen van 2 differentiëlen 1 nieuwe maken.

Op zich niet moeilijk wanneer je bedenkt wat waarin gaat passen:

Pignon van ID is toegepast, dus moet het satelliet tandwiel van ID worden toegepast.

De uitgaande assen van de TA worden gebruikt dus moeten de satelliet tandwielen van de TA worden geplaatst.

De dunnere uitgaande TA as wordt geplaatst in het satelliet tandwiel van de ID dus moet een pas-bus worden ingeperst in het ID satellietwiel zodat de TA as er vrij maar strak in kan draaien.

Het satelliethuis van de TA is gebruikt (kom-zijde waar de tandwieltjes in zitten) met de vaste (TA) as er aan vast.

Op de foto boven zie je linksonder het satelliettandwiel met vrij draaiende uitgaande as.

Rechtsonder zie je het kom-deel van het satelliethuis met de satelliet-tandwieltjes en vaste uitgaande as.

Het oorspronkelijke TA differentieel werkt met bak-assen met spiebanen aan de buitenkant waarop de TA- bak-assen extern kunnen worden gemonteerd.

Voordeel hierbij is dat je gemakkelijk de grote keerringen van de TA-bak kan vervangen.

In de foto boven is dus het onderste differentieel het TA-differentieel.

 

Boven: Gereed en gemonteerd differentieel. 

De pas-bus zie je mooi om de uitgaande as zitten.

Boven zie je de gemaakte pas-bus met oliegroef aan de vrij draaiende binnenkant.

Timken lagers strak stellen maar niet te strak…

Omgebouwd schakel selecteur/levier, in de experimentele fase.

Afdraaien asklauwtje op de commercieel verkrijgbare lagermaat (35mm)

En het afgedraaide resultaat van het asklauwtje van de TA met de spiebaan aan de binnenkant.

De bevestigingsbeugel om de versnellingsbak- en motor aan de voorzijde op te hangen:

Ik heb gekozen voor een erg robuuste opzet, omdat de moter/bak/aandrijvingsassen allemaal aan dit punt zijn opgehangen.

Bovendien heb ik er voor gekozen om de dwarsstukken van de aandijftraverse gewoon weer te monteren om voldoende stevigheid te houden.

Let hierboven goed op:

Aan de onderkant van de flenzen heb ik aan beide kanten aan de onderkant ca. 2 cm materiaal weggeslepen.

Dat moet omdat deze punten uitsteken ten opzichte van de oorspronkelijke TA bak.

Daarmee komen ze tegen de wieg aan net boven de doorgang van de aandrijfassen.

Dus wat materiaal moeten verwijderen.

Het aantal malen dat ik de bak heb gemonteerd en weer gedemonteerd kan ik niet meer achterhalen, maar het was in ieder geval zoveel malen dat ik het inmiddels blindelings en zeer snel uit kan voeren.

Boven nogmaals het weggehaalde materiaal: Handig om te doen VOOR het monteren!

Lager voor de asklauwtjes.

Ik heb dit deel in de oven verwarmd op 60 graden voor de definitieve montage.

De bak is klaar!  Nu nog even monteren..

Schakelassen.  Links de beweging op/neer van de pook en rechts de beweging links/rechts..

Nog wel even een fusee moeten lossen aan 1 kant, anders kreeg ik de assen niet gemonteerd op de bakassen(flenzen).

Tijdens de  montage genomen: moer nog vastdraaien en zo.

Rechts onderaan zie je de opnemer van de cruise control weggedraaid hangen.

De magneet komt onder de moer die nog los zit met een beugeltje zodat de opnemen hem bij elke omwenteling even kan zien.

Boven de aangepaste lepels van de onderzijde van de schakeltoren.

En het eindresutaat!

Duurste DS cabrio ooit (2018)

RECORDPRIJS VOOR DS 23 IE CABRIOLET

Datum: 08-10-2018

425.000 Euro. Weliswaar inclusief opgeld, maar toch. Voor zover we kunnen nagaan, is het een recordprijs als veilingresultaat voor een Citroën.

Voor dit indrukwekkende bedrag ging vrijdagmiddag 5 oktober een DS 23 Cabriolet uit 1973 weg tijdens de veiling van Bonhams in het kader van de Zoute Grand Prix, het klassiekerevenement in het Belgische Knokke. Naar we begrepen boden twee gegadigden een tijdlang tegen elkaar op, waarop de auto uiteindelijk werd afgehamerd op 370.000 Euro, wat inclusief opgeld tot het genoemde bedrag van 425.000 Euro leidde.


“Langzaam komen we met sommige Citroëns in de kringen terecht waar je normaal gesproken Ferrari’s en Porsches vindt”, zei een goed ingewijde in klassieke-Citroënkringen toen we vrijdagavond even over het opmerkelijke resultaat van de Belgische veiling spraken. Of je dat als liefhebber van het merk nou een goede ontwikkeling moet vinden of niet, daar kan je over twisten. Enerzijds is het goed om te zien dat Citroën in deze vorm de waardering krijgt die het volgens velen verdient, anderzijds verdwijnen auto’s met zulke prijzen vaak ergens in de collectie van een investeerder die veelal weinig specifieke binding met het merk heeft. Maar zoals zovaak is het ook hier een kwestie van vraag en aanbod.

Forse kant
Met 240.000 tot 320.000 Euro was de geschatte opbrengst van de zilverkleurige DS Cabriolet al aan de forse kant – zij het dat de marge ook wel erg ruim genomen was – maar de gerealiseerde opbrengst overtrof de ‘estimate’ nog eens riant. De afwijking ten opzichte van de gemiddelde schatting bedroeg volgens het overzicht van de Zwitserse klassiekerwebsite Zwischengas.com maar liefst 51,96 procent, waarmee de DS de op één na grootste uitschieter op de Belgische veiling van Bonhams was. Alleen de Rolls Royce Silver Shadow Park Ward Drophead Coupé, ooit eigendom geweest van Muhamad Ali, vertoonde een nog grotere afwijking, want in plaats van de gemiddelde ‘estimate’ van 50.000 Euro bracht de Rolls niet minder dan 115.000 Euro op, een afwijking van 164,5 procent.

Geen onbekende
De verkochte DS Cabriolet, met verstralers in de keienvanger onder de voorbumper – bepaald niet de smaak van uw redacteur, al weet die terdege dat je met zulke opmerkingen in sommige kringen voorzichtig moet zijn – is ook in Nederland geen onbekende auto. De geschiedenis is te traceren via de veilingcatalogus van Bonhams: de DS werd in december 1972 gebouwd en in maart 1973 op naam gezet door ene Raoul d’Iray uit Genneviliers sur Seine bij Parijs. Die had de auto, met kenteken 3304 ZB 75, gedurende zo’n tien jaar, waarna de auto in Nederlands bezit kwam bij Han van Houten. Die reed er ook ongeveer tien jaar mee, waarop Citroëndealer Jaap Knap de volgende eigenaar werd. In 2006 werd de auto tijdens Rétromobile verkocht aan de Britse verzamelaar Ken Stanford, die hem in Groot-Brittannië liet registreren met het kenteken ’56 KS’. Vervolgens nam een andere Britse verzamelaar de auto over en liet flink werk aan de auto verrichten door Olivier Houllier van French Classics Ltd. Facturen vermelden een bedrag van rum 15.000 Pond voor uitgevoerde werkzaamheden.

Bijdrage
Naar we begrepen was het interieur van de auto oorspronkelijk rood, nu echter zwart van kleur. Een cabriodak ontbreekt bij deze DS, maar de verkoper heeft zich bereid verklaard, een bijdrage van 5.000 Euro te willen doneren voor het laten maken van een nieuw dak. Dat kan er bij deze riante opbrengst dan ook wel vanaf…

Tekst: René de Boer | Foto’s: Bonhams

De Sony A7 I, II en RII-collectie

Af en toe gebruik ik mijn  Sony A7-RII , A7II en A7I set en bijbehorende lenzen voor buitenopnames.

En meestal gebruik ik voor in de stad mijn kleine tasje met de Canon RP en de korte zoomlens.

Dat is gewoon zover ik ervaar wat handzamer.

En voor sport en opnames van snelle beweging blijf ik trouw aan mijn M3/4 format camera’s van Olympus , met de bijbehorende pro lenzen.  Ook fijn voor 4k video!

Calibreren E3D coreXY 4-toolchanger 3d printer

Ik ben bezig met het kalibreren van de gereedschappen, de algemene instellingen enzovoorts, zodat ik verder kan gaan met de rest van de tools.

Daarbij stel ik altijd alle tools in op instellingen die ik afleid ten opzichte van de eerste tool T0.

Op deze manier, mocht er iets veranderen, heb ik een solide referentie.

Morgen ga ik de 2 andere Hemera direct drive tools bouwen en installeren en mogelijk kan ik dan eindelijk mijn Benchy testpint printen met alle 4 de tools!

En met 4 actieve tools, na alle calibraties:

Aangepaste E3D toolchanger Dock adapter plate

Jantec.nl E3D toolchanger Hymera DD DOCK adapter and 3mm shifted adapter download

Tool T2 en T3 (3e en 4e van links) zitten bij de standaard bouw op ca 1.5 mm van elkaar waardoor de toolfan van T2 vrijwel geen lucht meer kan aanzuigen. De rechter tool T3 komt met de nieuwe aangepaste adapter 3 mm naar rechts, waardoor de linker tool T2 weer lucht kan aanzuigen met de doorzichtige fan en het koelblok van T2 kan koelen van de Hymera Direct Drive extruder.Met deze aangepaste adapter schuift de betreffende tool 3 mm op, waardoor je ten opzichte van de linker tool 3 mm extra ruimte krijgt.

Daarmee is er net genoeg ruimte gemaakt voor de toolfan van de links naastgelegen tool om het koelblok te koelen.

Plaats deze adapter dus op de 2e en 4e plek bij Tool 1 en 3.

Daarmee zijn de eerste (T0) en 3e tool (T2) qua koeling gered!

Links de originele versie, rechts mijn in Autodesk Fusion 360 aangepaste versie voor de tools op positie T1 en T3 (2e en 4e).

Het resultaat:

 

Downloads:

Jantec.nl E3D toolchanger Hymera DD DOCK adapter and 3mm shifted adapter

Citroën ID20 cabrio (1970) nieuwe kentekenplaathouder voorzijde

De oude heeft duidelijk niet meer de vorm die hij hoort te hebben.

Ik heb net een nieuwe gekocht, en de verschillen zijn duidelijk zichtbaar.

De rondingen boven de luchtinlaten zijn bij de oude volledig verdwenen, terwijl ze bij de nieuwe heel duidelijk zichtbaar zijn.

Ik vermoed dat iemand de oude heeft bewerkt zonder te weten hoe het er oorspronkelijk uit zag…

Ik ben niet van plan om de oude opnieuw te bewerken, misschien verkoop ik hem ooit.

De nieuwe wordt tot op het staal schoongemaakt voordat hij verder wordt bewerkt.

BYD Atto3 – reservewiel onderin de kofferbak

Boven zie je de vulling van de ruimte onderin de kofferbak van de Atto3.

Ik rijd graag met een thuisbrenger rond, omdat ik nogal eens op bouwplaatsen rijd en tot nu heb ik daar 2x een schade aan een band door gehad.  En zo’n schade is niet altijd op te lossen met een vloeistof reparatiekit.

Het wordt een thuisbrenger die ook wordt gebruikt bij een Toyota RAV4 :  165/80/17 band en een 5X114.3X60.1, 17 inch velg met dezelfde omtrek, steek en center gat als de BYD Atto3.  De RAV4 is nog een stukje zwaarder dan de Atto3, dus moet dat goed gaan.

De ruimte voor een thuisbrenger is onderin de ruimte voor een eventueel reservewiel maar 57 centimeter in diameter.

Een en ander betekent dat het reservewiel iets hoger komt te liggen, op een montagebeugel.  Onder het reservewiel is dan plek voor de krik en dergelijke.

De afdekking van de kofferbak had 2 standen, en deze plank onderin de kofferbak komt hierdoor maar op één mogelijke montagediepte,  dus in de hoogste stand.

En zó ligt de gbrote reserveband er dus in: Onder de afdekplank.  Er is nog een hydraulische potkrik bijgekomen en een kruissleutel.  Mocht het ooit nodig zijn is het in ieder geval een complete set. Niet de mooiste manier, maar het werkt wel. De plank die bij de auto wordt geleverd kan probleemloos in de bovenste positie worden geplaatst.

Om de band naar beneden te houden, heb ik een montagebeugel gemaakt van vierkant ijzeren buis 20-20-2mm met 3 gaten: 2 om hem met M6-moeren vast te zetten aan 2 van de 4 reeds beschikbare M6-bouten met schroefdraad en 1 gat in het midden van het vierkant voor een M10-bout die naar boven steekt.

De M10 bout gaat door 1 van de boutgaten van de velg. met een sluitring en een vleugelmoer aan de bovenkant van de velg.

Ik heb de M10 bout in het midden van het vierkante staal gelast en het achterste deel bijna gelijk gemaakt met het vierkante staal.

Daarna heb ik de beugel op de vloer van de kofferbak gemonteerd met 6mm gebogen M6 IKEA moeren die ik nog had liggen van een oud dubbel kinderbed.

Deze moeren zijn ongeveer 15 mm lang met een grote platte kop aan de bovenkant en een Inbus-inzetstuk in de bovenkant. Dit is ideaal, omdat de M6 stalen boutuiteinden die uit de kofferbak steken maar ongeveer 18mm lang zijn en niet door de 20mm vierkante buis steken.

BTW: ik heb de voorste (vanaf de opening van de kofferbak gezien) 2 niet gebruikte staande M6 bouten ingekort tot de hoogte dat er elk één M6 moer op past, kan handig zijn in de toekomst.

Nadat het reservewiel was gemonteerd en vastgezet met de sluitring en M10 vleugelmoer op de beugel, gebruikte ik de tas die bij het verwijderbare deel van de trekhaak zit om alle losse onderdelen in op te bergen.

BYD Atto3 -Spare tire in the trunk

Above the original filling of the space at the bottom of the trunk of the Atto3 is shown, with a.o. the tire ‘repair kit’.

I like to drive around with a spare tire because I drive on construction sites quite often, and so far I have had 2x tire damage because of that.  And such a damage is not always fixable with a fluid repair kit.

My new spare is a home-bringer also used on a Toyota RAV4 : R17 165/80/17 tire and a 5X114.3X60.1 rim with the same circumference, pitch and center hole as the BYD Atto3.  The RAV4 weighs a bit more than the Atto3, so it should be fine.

At the bottom of the trunk the available space for a home-bringer is only 57 centimeters in diameter for a spare tire.

This means that the spare tire will be slightly higher mounted, on a mounting bracket.  Under the spare tire there is then room for the jack and the likes.

The trunk cover had 2 positions, and this shelf at the bottom of the trunk therefore only comes to one possible mounting depth, i.e. in the highest position.

So- that’s how I positioned the spare tyre (from a Toyota RAV4, 17 inch) in the boot of the car.  Not the nicest way but it works OK. The shelf that comes with the car can be positioned in the upper position no problem.  I added a hydraulic mini jack and a wheel bolt wrench, since this was not part of the car’s accessories.

To hold the tire down, I made a mounting bracket from square iron tubing 20-20-2mm with 3 holes: 2 to tie it with M6 nuts to 2 of the 4 already available threaded M6 bolts and 1 hole in the center of the square stock to carry an M10 bolt going UP with a washer and a wing nut. The M10 bolt goes through 1 of the boltholes of the rim.   I welded the M10 bolt in the center of the square steel and made the rear part almost flush with the square steel.  Then, I mounted the bracket down on the floor of the boot with 6mm tubed M6 IKEA nuts that I had lying around from an old double children’s bed.   These nuts are about 15mm in length with a large flathead on top and an Inbus insert in the top.  This is ideal, because the M6 steel bolt-ends that stick up from the boot are only around 18mm in length and don’t stick through the 20mm square stock.

BTW: I shortened the 2 not-used standing M6 bolts to the height that they just carry one M6 nut each, might be useful in the future.

After the spare tire was mounted and secured with the washer and M10 wing nut on the bracket I used the bag that came with the removable part of the pulling rod to store all loose components like the puller for the plastic boltcovers that are mounte in the wheels and o on.  This is placed in the inner part of the spare tire.

Unfortunately, I forgot to take some pictures of the setup of the spare tire mounting bracket, will do that when I can and present this here, later!

error: Content is protected !!